Wat ben ik blij met mijn volkstuin. Zodra ik mijn tuin zie, voel ik de rust over me heen komen en verdwijnen de dagelijkse beslommeringen naar de achtergrond. Het eerste wat ik doe als ik aankom, is een rondje lopen. Hoe gaat het met de stokbonen? Staan de dahlia’s al in bloei? Zijn de kleine meerkoetjes er nog? Daarna haal ik het huisje van het slot, zet de ramen open en zet een ketel water op.

Het huisje is klein, maar er staat alles in wat ik nodig heb. Tuingereedschap, een campinggasstel om koffie of thee te zetten en een eenvoudige plek om te zitten. Op het dak ligt een klein zonnepaneel dat stroom levert voor de pomp in de sloot en de verlichting in het huisje.
Mijn openluchtschool
Ik ben tuinontwerper en heb veel opleidingen gevolgd. Over ontwerpen, planten en biodiversiteit. Maar de meeste kennis doe ik op in mijn eigen tuin. Dit is mijn openluchtschool. Hier kan ik experimenteren met bijzondere planten, de groei observeren en nieuwe combinaties uitproberen. Hoe staat wilde wortel met ereprijs? Welke planten versterken elkaar en welke juist niet?
Natuurlijk lukt niet alles. Sommige zomers krijg ik geen enkele dahlia uit de grond. Maar als het wél lukt en ik een emmer vol prachtige bloemen kan oogsten, ben ik de koning te rijk.

Met de handen in de aarde
Toegegeven, soms denk ik ook weleens: waar ben ik aan begonnen? Een tuin vraagt nu eenmaal aandacht. Zeker als ik een tijdje niet ben geweest. Dan staat het gras weer kniehoog, steekt het heermoes overal de kop op en hebben de konijnen zich tegoed gedaan aan de sla.
Toch is dat gevoel snel verdwenen. Ik pak de grasmaaier, wied het onkruid tussen de planten vandaan en snoei hier en daar een tak. Voor ik het weet oogt de tuin weer luchtig en verzorgd. En het mooie is: al dat bewegen ontspant. Ik ga altijd met meer energie naar huis dan ik gekomen ben.

Een klein dorp in het groen
Mijn tuin ligt midden in een park, omringd door veertig andere volkstuinen. Het voelt als een klein dorp. Er is altijd wel iemand in voor een praatje. We hebben het over de groei van de tomaten, ruilen zaden en planten of vragen ons af waarom de kolen van Mario het dit jaar zo goed doen.
Het verschil tussen de tuinen is groot. Sommige liggen er strak bij, met keurige rijtjes groenten en veel zwarte aarde. Andere tuinen zijn juist weelderig, met bloemen, bomen en groenten die kriskras door elkaar groeien. Mijn tuin hoort duidelijk bij die laatste categorie. Geen centimeter grond blijft onbenut. Ik schoffel nauwelijks en laat het bodemleven zoveel mogelijk met rust. Daardoor ontstaat er steeds meer evenwicht. Deze natuurlijke manier van tuinieren past bij mij.

Met een leeg hoofd weer naar huis
Als ik aan het eind van de dag het poortje achter me dichttrek, weet ik weer waarom ik zo blij ben met mijn volkstuin. Het is de plek waar ik kan experimenteren, bewegen, genieten van de natuur en fijne gesprekken voer met andere tuinders. Maar bovenal is het de plek waar ik mijn hoofd leegmaak. Mijn volkstuin is en blijft mijn mooiste openluchtschool.
Van inspiratie naar ontwerp
Soms denken mensen dat een tuin vooral mooi moet zijn. Ik hoop dat hij vooral iets doet. Dat hij rust geeft, uitnodigt om naar buiten te gaan en je even laat vergeten hoe druk de dag was. Dat is wat mijn volkstuin mij iedere keer weer geeft. En precies dat probeer ik ook in mijn ontwerpen mee te geven.
Droom je ook van een tuin die niet alleen mooi is, maar waar je echt graag bent? Dan denk ik graag met je mee. Stuur me gerust een berichtje carla@wilhelm.nl of bel me (06-51830191).
